Versiedatum: 13 december 2007
Wat is een virusinfectie?
Ieder mens komt voortdurend in contact met mogelijke ziekteverwekkers zoals virussen. Door de afweer van uw lichaam leidt dat maar zelden tot een infectie. De meeste virussen worden tegengehouden door huid of slijmvliezen. Soms dringt het virus verder het lichaam binnen en spreken we van een infectie. Dan komt uw afweer in actie om verdere verspreiding tegen te gaan: witte bloedlichaampjes, afweercellen en lymfeklieren helpen daar bij. Als het virus zich verder uitbreidt, kunt u klachten krijgen.
Uw lichaam reageert op de indringer met een ontstekingsreactie. De stoffen die daarbij vrijkomen geven ziekteverschijnselen. De verschijnselen hangen af van de eigenschappen van het virus en het lichaamsdeel of orgaan waarvoor het virus voorkeur heeft.
Hoe kunt u een virusinfectie herkennen?
Griep en verkoudheden zijn de meest voorkomende virusinfecties. De klachten die daarbij vaak voorkomen, ziet men ook bij vele andere virusziekten: u heeft koorts, hoofdpijn en spierpijn. Het afweersysteem gaat aan de slag om het virus alsnog onschadelijk te maken.
Wat kunt u tegen virusinfecties doen?
Veel virusinfecties worden door handcontact en hoesten overgedragen. Handen wassen en wegwerpzakdoeken gebruiken helpt om besmetting te verminderen. De meeste virusinfecties zijn onschuldig en gaan vanzelf over. Tegen een aantal virussen kunt u ingeënt worden; daarmee wordt bij baby’s al begonnen.
Soms moet een inenting herhaald worden. Bijvoorbeeld de griepprik moet elk jaar opnieuw worden toegediend omdat het virus steeds weer andere kenmerken krijgt.
Sommige virussen nestelen zich in het lichaam en raakt u nooit meer kwijt zoals bijvoorbeeld het waterpokkenvirus en het koortslipvirus. Dat is niet gevaarlijk, soms wel lastig. De virussen komen in een soort slaaptoestand maar af en wordt zo’n virus weer actief. Mensen die vaker een koortslip hebben weten dat maar al te goed.
©Nederlands Huisartsen Genootschap

