Hartfalen

E-mail Print


Versiedatum: 15 november 2005

Wat is hartfalen?

Bij hartfalen is de pompkracht van het hart verminderd. Daardoor wordt u snel moe en kortademig bij inspanning: organen en weefsels krijgen te weinig bloed, en daarmee te weinig zuurstof. Omdat de pompkracht van het hart is verminderd, kan het lichaam vocht gaan vasthouden.

Hartfalen kan verschillende oorzaken hebben. Op hoge leeftijd wordt de hartspier zwakker. Ook een hartinfarct of een langdurig te hoge bloeddruk kan de oorzaak zijn van een zwakke hartspier. Daarnaast kan de pompkracht van het hart afnemen door een lekkende hartklep. Ten slotte kan hartfalen ontstaan door een verminderde toevoer van bloed naar de hartspier zelf.

Hoe kunt u hartfalen herkennen?

Bij hartfalen bent u snel moe en kortademig en het lichaam houdt vocht vast. Uw gewicht neemt toe, u krijgt last van dikke enkels en voeten. Ook in de longen kan zich vocht ophopen. Dit kan leiden tot benauwdheid, vooral als u ligt.

Wat kunt u zelf doen bij hartfalen?

  • Let op het verergeren van de klachten. Dikke enkels en voeten en toename van het gewicht zijn belangrijke signalen. Controleer daarom elke ochtend uw gewicht. Als u in een paar dagen twee kilo of meer aankomt, moet u contact opnemen met uw huisarts.
  • Neem contact op met de huisarts als u bij inspanning sneller moe en kortademig wordt.
  • Houd uw conditie op peil door regelmatig te bewegen, maar forceer niet. Voor de een is wandelen of fietsen goed, voor iemand anders is een keer extra de trap op- en aflopen ruim voldoende.
  • Als u te zwaar bent, kan afvallen helpen om het hart te ontlasten.
  • Stop met roken.
  • Drink niet meer dan 2,5 liter vocht per dag (bij ernstig hartfalen niet meer dan 1,5 tot 2 liter per dag).
  • Drink niet meer dan twee glazen alcohol per dag.
  • Wees zuinig met zout.

 

Klik hier voor meer informatie in de patiëntenbrieven van het Nederlands Huisartsen Genootschap: Hartfalen, algemeen en Aanpak van hartfalen.

Welke geneesmiddelen kunnen worden gebruikt bij hartfalen?

Geneesmiddelen zijn een belangrijk onderdeel van de behandeling van hartfalen. Er worden verschillende soorten geneesmiddelen gebruikt. Meestal wordt een combinatie van verschillende middelen voorgeschreven.

Plasmiddelen

Door plasmiddelen scheiden de nieren meer zout uit, dat vocht met zich meetrekt en via de urine afgevoerd. Hierdoor ontstaat afname van overtollig vocht in de bloedbaan en hoeft het hart minder hard te werken, zodat de pompkracht van het hart toeneemt. De dikke enkels, benauwdheid en moeheid zullen verminderen.

  • Thiazide-plasmiddelen

 

Voorbeelden: chloortalidon en hydrochloorthiazide

  • Kaliumsparende plasmiddelen: zorgen naast hun vocht afdrijvend (vermogen) effect ook dat er minder kalium wordt uitgescheiden via de nieren, zodat de kans op bijwerkingen op het hart minder wordt. Deze middelen worden gebruikt als de hoeveelheid kalium in uw bloed te laag is.

 

Voorbeeld: triamtereen.

  • Thiazide-plasmiddelen in combinatie met kaliumsparende plasmiddelen

 

Voorbeelden: epitizide in combinatie met triamtereen, hydrochloorthiazide in combinatie met triamtereen en hydrochloorthiazide in combinatie met amiloride.

  • Lis-plasmiddelen

 

Voorbeelden: bumetanide en furosemide.

ACE-remmers

ACE-remmers verlagen de bloeddruk en verbeteren de pompkracht van het hart.

Voorbeelden: benazepril, captopril, cilazapril, enalapril, fosinopril, lisinopril, perindopril, quinapril, ramipril, trandolapril en zofenopril.

Hartglycosiden

Hartglycosiden verbeteren de pompkracht van het hart en vertragen tevens de hartslag, zodat het hart per slag meer tijd krijgt zich samen te trekken en het bloed rond te pompen. Hierdoor verbetert de afvoer van overtollig vocht via de nieren en de urine en zullen vochtophopingen en benauwdheid verminderen.

Voorbeeld: digoxine.

Bèta-blokkers

Bèta-blokkers verlagen de bloeddruk, vertragen de hartslag en verminderen de zuurstofbehoefte van het hart. Hierdoor verbetert de pompkracht van het hart.

Voorbeelden: bisoprolol, carvedilol, metoprolol.

Angiotensine-II-blokkers

Angiotensien-II-blokkers verbeteren mogelijk de pompkracht van het hart. Deze werking is niet goed aangetoond, maar er wordt nog onderzoek naar gedaan. Het wordt gecombineerd met andere geneesmiddelen tegen hartfalen.

Voorbeeld: losartan.

Vaatverwijders

Vaatverwijders verwijden de bloedvaten, met name de vaten die het bloed naar het hart toe leiden. Daardoor staat er minder druk op het bloed dat het hart binnenstroomt. Het hart hoeft dan minder hard te werken waardoor de pompkracht van het hart toeneemt.

Voorbeelden: isosorbidedinitraat en isosorbidemononitraat.

Alfa-blokkers

Alfa-blokkers maken de bloedvaten wijder, waardoor de druk op het hart afneemt en het hart het bloed makkelijker rond kan pompen. Alfa-blokkers zijn geen eerste keus geneesmiddelen bij een hartfalen, vanwege bijwerkingen. Ze worden alleen voorgeschreven als andere middelen onvoldoende werken. Alfa-blokkers worden dan in combinatie met andere middelen gebruikt.

Voorbeelden: prazosine.