Bloedarmoede

E-mail Print


Versiedatum: 29 augustus 2006

Wat is bloedarmoede?

Bij bloedarmoede is er een tekort aan een stof in de rode bloedcellen: hemoglobine. Deze stof transporteert de zuurstof uit de lucht door het hele lichaam. Als er een tekort aan hemoglobine (‘Hb’) is wordt minder zuurstof getransporteerd. Zuurstof is belangrijk voor de verbranding in ons lichaam - met minder zuurstof heeft u minder energie.

Bloedarmoede kan ontstaan door verschillende oorzaken:

  • Tekort aan ijzer. IJzer is een belangrijke bouwsteen van hemoglobine. Een tekort aan ijzer kan ontstaan door bloedverlies (bijvoorbeeld in de darm of bij hevige menstruaties [link naar abnormaal bloedverlies]), door een toegenomen behoefte aan ijzer (bij een kind in de groei, bij zwangeren) of door een tekort in de voeding (strenge vegetariërs).
  • Tekort aan vitamine B12 of foliumzuur. Een vitamine B12 tekort ontstaat meestal door een ziekte in de maag, waardoor vitamine B12 niet door het lichaam wordt opgenomen. Ook kan dit ontstaan bij een tekort in de voeding (strenge vegetariërs) of bij alcoholisten.
  • Soms kan een erfelijke afwijking van het hemoglobine bloedarmoede veroorzaken. Voorbeelden van deze afwijkingen zijn thalassemie en sikkelcelziekte.
  • Een verhoogde afbraak van rode bloedcellen (hemolytische anemie). Door sommige ziekten of medicijnen wordt het bloed versneld afgebroken, waardoor bloedarmoede kan ontstaan.
  • Een chronische ziekte zoals reuma, (herhaalde) infecties of kanker kan de aanmaak van hemoglobine verstoren. Waarschijnlijk worden de rode bloedcellen hierbij ook sneller afgebroken.

 

Bloedarmoede wordt ook wel anemie genoemd.

Hoe kunt u bloedarmoede herkennen?

In het begin geeft bloedarmoede geen klachten. Op den duur ontstaat bleekzien, moeheid, kortademigheid en spierzwakte bij inspanning.

Als u last heeft van een moe gevoel, maar bijvoorbeeld nog wel goed kan sporten, is er meestal geen sprake van bloedarmoede.

Sommige mensen hebben van nature een lager hemoglobinegehalte dan anderen. Ook tijdens de zwangerschap is het hemoglobinegehalte wat lager.

Wat kunt u zelf doen bij bloedarmoede?

Herkent u deze klachten, raadpleeg dan uw huisarts.

Belangrijk is gezonde voeding met voldoende vitamines en ijzer (bijvoorbeeld bladgroente, noten, peulvruchten, vis of vlees).

Klik hier voor meer informatie in de Patiëntenbrieven van het Nederlands Huisartsen Genootschap over Bloedarmoede.

Welke geneesmiddelen kunnen worden gebruikt bij bloedarmoede?

IJzer

Verschillende ijzerzouten wordt gebruikt bij bloedarmoede veroorzaakt door een tekort aan ijzer. Deze bevatten ijzer en vullen een bestaand (of dreigend) ijzertekort aan. Het duurt zes weken tot enkele maanden van dagelijks gebruik totdat een tekort aan ijzer is aangevuld.

Voorbeelden zijn ferrofumaraat en ferrosulfaat.

Foliumzuur

Foliumzuur wordt gebruikt bij bloedarmoede veroorzaakt door een tekort aan foliumzuur. Foliumzuur wordt ook wel 'vitamine B11' genoemd en is onder andere nodig voor de aanmaak van rode bloedcellen. Een tekort aan foliumzuur in het lichaam kan worden aangevuld door het gelijknamige geneesmiddel 'foliumzuur' te slikken, waardoor de bloedarmoede zal verdwijnen.

Hydroxocobalamine

Een tekort aan vitamine B12 veroorzaakt onder andere een bepaalde vorm van bloedarmoede (megaloblastaire anemie). Deze vorm van bloedarmoede geeft verschijnselen als vermoeidheid, vreemde gevoelswaarnemingen, zoals tintelingen in handen en voeten. Hydroxocobalamine is een vorm van vitamine B12. Het wordt gebruikt bij megaloblastaire anemie.

Ascorbinezuur

Ascorbinezuur is een vorm van vitamine C. Het wordt wel gebruikt bij methemoglobinemie. Dit is een bepaalde vorm van bloedarmoede, waarbij de rode bloedlichaampjes in het bloed te weinig zuurstof kunnen afgeven.

Azathioprine

Bij hemolytische anemie breekt het lichaam bepaalde rode bloedcellen af door een foutieve afweerreactie. Azathioprine onderdrukt deze afweerreactie. Meestal gebruikt u het samen met corticosteroïden.

Erytropoëtische groeifactoren

Erytropoëtische groeifactoren stimuleert de aanmaak van rode bloedcellen. Het wordt gebruikt om bloedtransfusie te voorkomen en bij mensen die geen bloedtransfusie kunnen of willen krijgen.

Voorbeelden zijn darbepoëtine en epoëtine